Wijnbouw & duurzaamheid

 

Biologische wijnbouw

In essentie: wijnbouw die geen gebruik maakt van chemische bestrijdingsmiddelen noch van kunstmest en die het natuurlijk evenwicht in stand houdt, via een gezonde biodiversiteit en een biologisch actieve bodem. 

Zo laat de biologische wijnboer bijvoorbeeld kippen rondlopen in de wijngaard om schadelijke larven op te eten en zorgt hij ervoor dat in de wijngaard bloemen groeien die nuttige insecten en vogels lokken, die op hun beurt de schadelijke insecten opeten. Onkruid mag gewoon groeien in de biologische wijngaard, want dit bevordert de biodiversiteit.

   

Er worden speciale eiwitrijke planten in de wijngaard aangeplant die uit de lucht indirect stikstof, een van de belangrijkste voedingsstoffen voor planten (in dit geval de druivenranken), kunnen binden: biologische stikstofbinding. Preciezer gezegd, zitten aan de wortels van vlinderbloemige gewassen zogenaamde stikstofwortelknolletjes waarin de Rhizobium-bacterie leeft. Het is deze bacterie die stikstof uit de lucht kan vastleggen in een voor de plant opneembare vorm. 

Op die manier kunnen de planten op efficiënte wijze in hun nitraatbehoefte voorzien. Maar uiteindelijk zal dat de wijnboer Wurst zijn, hem gaat het primair om zijn wijnstokken. Stikstofbindende planten zijn belangrijk omdat ze voedingsstoffen opslaan en zodoende redden voor later, wanneer de wijnrank die het meeste nodig heeft. Feitelijk zit hij te wachten op het afsterven van de stikstofbindende planten, of helpt hij het proces een handje door op gerichte tijden de bodem met plantenresten met de ‘Mulcher’ te versnipperen, waardoor de stikstof sneller uit de plantenresten wordt vrijgezet. Time-management is hier heel belangrijk.
Hoe het ook zij, deze manier van handelen levert naast financiële vooral milieuvoordelen op, omdat er geen stikstof in het grondwater en geen ammoniak in de lucht terecht komt. In combinatie met het gebruik van natuurlijke compost (bijvoorbeeld gecomposteerde druivenresten die overblijven na het wijn maken) vervalt hierdoor de noodzaak kunstmest te gebruiken om de voedingsstoffen in de bodem aan te vullen.

Meestal wordt er in biologische wijngaarden volledig handmatig gewerkt, om te voorkomen dat tractoren de grond samendrukken en daarmee de bodemstructuur negatief beïnvloeden. 


Daarnaast wordt er op een biologische manier gevinifiëerd (wijn gemaakt). Ook het werken in de wijnkelder valt onder de biologische certificering.
Het toevoegen van sulfiet bijvoorbeeld om de houdbaarheid van de wijn te vergroten, is beperkt toegestaan (beperkter dan bij de traditionele wijnbouw). Daarom is het ook extra belangrijk dat de verwerkte druiven zo gezond mogelijk zijn, zodat er geen of weinig stabilisering met sulfiet nodig is om de wijn langer goed houdbaar te laten zijn.

 

Biologisch-dynamisch (of ‘biodynamisch’)

De biodynamische wijnbouw gaat nog veel verder en is gebaseerd op de antroposofische principes van Rudolf Steiner. Daarbij wordt de natuur gezien als één verbonden geheel: klimaat, bodemvruchtbaarheid, waterbeheer, biodiversiteit en luchtkwaliteit.

Met het vermijden van het gebruik van natuurvreemde stoffen wordt afgezien van het gebruik van chemische middelen, met uitzondering van koper en zwavel (wat in essentie natuurlijk voorkomende stoffen zijn). Het beheer van de wijngaard is volledig gericht op enerzijds het versterken van de weerstand van de plant en anderzijds het bevorderen van een gezond bodemleven en de biodiversiteit, o.a. via het gebruik van homeopathische kruidenmengsels (zogenaamde ‘preparaten’). 

   

Dat hierbij koehoorns en de stand van de maan (het moment waarop de sapstromen in de wijnrank sterker opwaarts - voedingsstoffen naar de takken en bladeren - dan wel neerwaarts - glucose naar de wortels - lopen) aan bod komen wordt graag gebruikt om het als 'hocuspocus' af te doen, maar opvallend veel wereldberoemde wijnbouwers passen de biodynamische principes toe.

Daarnaast worden planten zoals paardenstaart en duizendblad gebruikt in de wijngaard gebruikt als bescherming tegen schimmels, zodat de wijnboer minder koper hoeft in te zetten bij de bestrijding van onder meer valse en echte meeldauw. Het doel van de biodynamische wijnboer is om zo min mogelijk in te grijpen in de wijngaard, met gezonde wijnranken en diversiteit in het bodemleven. Met juist genoeg voedingsstoffen, zonder al te uitbundige groei weer al te veel te moeten corrigeren met snoeien.

 

Ecologisch of ‘Naturnah’

Zwavel en koper (in principe een zeer giftig metaal, dat zich ook ophoopt in de bodem) wordt door biologische en biodynamische wijnbouwers niet als chemische gewasbescherming aanzien, maar is dat natuurlijk wel. Hoewel deze stoffen geen residuen in de wijn achter laten en dit een belangrijk voordeel is ten opzichte van chemische gewasbeschermingsmiddelen, is de milieubelasting er wel degelijk. De nieuwste generatie chemische gewasbeschermingsmiddelen kent een aantal middelen die minder milieubelastend zijn dan bijvoorbeeld koper, maar deze zijn in de biologische teelt niet toegelaten.

Ook genetische modificatie zou wellicht een oplossing kunnen zijn om druivenplanten meer schimmel- en bacterieresistent te maken en zodoende de noodzaak voor het gebruik van kopersulfaat te verminderen of zelfs uit te bannen. Echter, in biologische en biodynamische kringen zijn chemische alternatieven en genetische modificatie principieel uit den boze. 

Zo hebben we wijnmakers gesproken die zeggen "moet ik dan mijn oogst volledig naar de knoppen laten gaan en niet ingrijpen? Is dat dan duurzaam?".  
Een combinatie van werkwijzen waarbij én de wijngaard biologisch wordt beheerd (gericht op een gezonde bodemstructuur, met een slim gebruik van planten, onkruid en natuurlijke voedingsstoffen) maar ook - zo beperkt mogelijk, in noodgevallen - schimmels en bacteriën kunnen worden bestreden met ‘milieusparende’ chemische beschermingsmiddelen, is daarmee voorlopig nog onbespreekbaar.
Veel ongecertificeerde wijnproducenten passen ook waar mogelijk duurzame technieken of materialen toe. Ze produceren bijvoorbeeld zelf met zonnepanelen groene electriciteit of gebruiken lichtere wijnflessen (met minder CO2 belasting tot gevolg bij productie en transport). 


Er zijn uiteraard altijd wijnboeren die zelf deze combinatie van maatregelen wél als optimaal zien in het licht van ‘naturnahe’ wijnbouw (die zo dicht mogelijk bij de natuur blijft) en er dan maar voor kiezen om zich niet formeel onder het biologische of biodynamische label te scharen. En toch op een duurzame manier wijn maken, onder de zinspreuk: 'zo weinig als mogelijk, zo veel als nodig'.

Niet alles is altijd even zwart-wit ....

 

© 2020 - 2022 Erasmus Wijnen | sitemap | rss | webwinkel beginnen - powered by Mijnwebwinkel

Om deze webwinkel te bezoeken moet u 18 jaar of ouder zijn.